Den Helder – Vijf weken geleden vertrok Marlies Baart naar Indonesië, een koffer vol Beesies, goede moed en het voornemen om de mensen in MBoso te helpen. Het werd een avontuur vol emotie, mooie projecten en warme gastvrijheid.
“Het eerste dat opviel bij onze aankomst was de warmte, het was echt heel warm”, vertelt Marlies, die sinds enkele dagen weer thuis in Den Helder is. Tijdens de eerste dagen in Indonesië verbleven alle studenten uit vijf verschillende landen en van zeven universiteiten in Surabaya. “De openingsceremonie werd gegeven op de Petra Universiteit. Alle universiteiten hadden prachtige dingen ingestudeerd, veelal dansen, het zag er echt gelikt uit. Indonesische studenten hadden een traditionele dans ingestudeerd die langzaam overging in hip hop dansen. En toen kwamen wij Hollanders met koekhappen, touwtje springen en de polonaise. We hadden niet verwacht dat de anderen zo professioneel zouden zijn en we schaamden ons echt wel een beetje. Vanaf die dag noemden ze ons de ‘Crazy Dutch’.”
Na drie dagen ging de reis door naar Kediri, van waaruit de studenten verdeeld werden over diverse dorpen. “Een slechte start voor ons, want we werden ziek. Ik had een fikse griep die door de warmte erg heftig was en belandde een halve dag in het ziekenhuis. Het Nederlandse meisje dat samen met mij mee naar het dorp zou gaan, kreeg echt een tropische ziekte en moest vier dagen in het ziekenhuis blijven. Ik ben die dagen bij haar gebleven, zodat we pas een week later dan de anderen naar het dorp vertrokken. De bedden waren hard en om de twee uur kwamen ze met een hele groep langs om temperatuur en bloeddruk te meten. Wel zagen ze ons als hele belangrijke mensen, omdat we blank waren.”

MBoso
De overige studenten waren al volop bezig met het project eer Marlies en haar medereizigster in MBoso aankwamen. “De toiletfaciliteiten waren heel slecht in het dorp. We hebben drie toiletgebouwen neergezet, van het graven van de septictank tot het metselen van de muren en het vlechten van bamboeramen. Het was voor het eerst dat ik een muurtje metselde en ik ben er hartstikke trots op”, vertelt Marlies lachend. Het watertekort in het dorp werd ook aan gewerkt. “We mochten maar eens in de twee dagen douchen, Mandi noemen ze dat, want een echte douche was het niet natuurlijk. Een grote watertank waar je met een klein bakje water uitschepte en over jezelf heen gooide en dat was heel erg koud.”
De watertank werd uitgebreid met een tweede gemetselde tank, bedekt met een laagje cement en platen er op om het af te dekken, die met een verbinding aan de eerste tank werd gekoppeld. “De regering heeft beloofd ervoor te zorgen de watertoevoer naar de huizen te verbeteren.” Tot slot werd er letterlijk aan de weg getimmerd. “We zaten in een bergdorp waar slechts een weg naar toeliep, van hooguit drie tot vier meter breed. Hele stukken weg bestond slechts uit zand, zodat bij regen niemand het dorp in- of uit kon. We hebben grote tegels gekocht en het is ons gelukt om op een dag alle mannelijke bewoners mee te krijgen om de weg daarmee te bedekken. Wel ligt de weg vol keien, daar is niks aan te doen. De weg heet niet voor niets de Rocky road. Bij de splitsing hebben we nog een wegwijzer richting MBoso gemetseld, want de vorige houten wegwijzers waren gestolen of vernield.”

Beesies
Marlies heeft zelf de meeste tijd en energie gestoken in lesgeven. “Het waren 28 kinderen, want de baby van negen maanden oud hebben we niet meegerekend, minder dan ik verwacht had. Ik heb voornamelijk Engels en dansles gegeven. De kinderen waren tussen de vier en zestien jaar. De beesies die ik meegenomen had waren een succes, die werden echt als een soort knuffel gezien. Zelfs de moeders verdrongen zich bij het uitdelen om er een te bemachtigen.” De dorpelingen waren heel gastvrij. “Onze gastmoeder, Ibu, vroeg maar steeds of we wilden eten, dat is hun manier om goed voor je te zorgen. Het eten bestond veelal uit rijst, tofu en noedels. Groente was schaars en als we eens in de week een stukje kip kregen waren we al heel blij. Als we op zondag naar Kediri gingen, kochten we in de supermarkt vooral appels, koekjes en cola. Ik heb daar zelfs Verkade speculaasjes kunnen krijgen.”
“Het was altijd fijn om alle medestudenten in Kediri te ontmoeten, te horen hoe en waar de anderen mee bezig waren en zo hoorde je ook de verschillen. In mijn dorp was bijvoorbeeld geen school en een ander dorp had er twee. En het was fijn om gewoon lekker Nederlands te praten. De mensen in MBoso spraken nauwelijks Engels, maar Javaans en dat was lastig communiceren.” De manier van leven in het dorp kenmerkte zich vooral door de manier waarop met tijd werd omgegaan. “Alles kan altijd morgen nog. Wanneer je met iemand om elf uur afspreekt ben je al heel blij wanneer ze er om half twaalf al zijn, meestal wordt dat veel later. Ik was dan ook meestal zelf ook mijn tijdsbesef kwijt als het om een dag of een datum ging.”
Marlies hoopt ooit nog eens terug te keren naar het dorp. “Ik wil graag over een paar jaar kijken hoe de kinderen zijn gegroeid, maar het blijft een hele onderneming om daar te komen. Alleen het vinden van een auto en een chauffeur die de Rocky road kan en wil bereiden valt al niet mee, we hadden er deze keer maar een of twee die dat konden.”
Lees ook: Beesies mee naar Indonesië
Geplaatst: dinsdag 10 augustus, 7:01 uur - Laatste wijziging: dinsdag 10 augustus om 7:01 uur.
Gelieve rekening te houden met de volgende richtlijnen:
Lees de volledige voorwaarden voor het reageren op
http://www.denhelderactueel.nl/info/reageren/
Reacties die niet voldoen aan deze voorwaarden, kunnen worden gewist door de redactie. Personen die zich herhaaldelijk niet aan de regels houden, kunnen worden uitgesloten van de mogelijkheid tot reageren.
Een eigen afbeelding bij uw reactie? Kijk voor informatie op http://nl.gravatar.com
ruud van de kerkhof
10 augustus 2010 at 10:08
heel veel waardering en respect voor marlies
, ik vind het altijd geweldig dat er toch weer mensen zijn die zich inzetten om andere mensen in den vreemde te helpen op vrijwillige basis
Joop Buijs
10 augustus 2010 at 23:41
Fantastisch, een rijke ervaring met veel voldoening. Zelf heb ik in de binnenlanden van Suriname een soortgelijke ervaring beleefd. Het is een voorrecht om dit te mogen doen, ook al is het een hele beproeving.
Marlies veel waardering.
aj.schulken
12 augustus 2010 at 13:44
Marlies ik heb een gedeelte van de foto”s gezien
maar wat een leuk stukje heb je er over geschreven
joke
15 augustus 2010 at 12:12
hoi Marlies leuk om te lezen,nu ik de foto,s heb gezien leeft het nog meer.